vrijdag 26 februari 2010

Hier aan de kust

Maar dan toch niet Zeeland, maar vlak onder Kijkduin in zo'n vakantiekamp. In een villa met sauna en bubbels, dat dan wel. Een paar dagen uitwaaien met een hele bende dames en dametjes, en de hond natuurlijk. Vooraf wel even gespiekt wat er in de buurt zoal rondvliegt. Genoeg voor iemand die de tijd doorbrengt in de binnenlanden.

De kust geeft in deze tijd prachtige contrasten: de witte en jonge bruinige meeuwen voor de kolkende koppen op de golven van een zwarte zee. Samen met dochter Michelle zoek ik altijd de branding af naar zeehonden. Ook nu. Maar samen vinden we ze niet. Ik maak nog een rondje over het park zelf en vind daar nog een paar leuke Staartmeesjes, een Gaai en de meer gebruikelijke Merels, Zanglijsters en Eksters. Ondanks de slechte voorspellingen schijnt het zonnetje....

Later loop ik samen met mijn lief hand in hand, maar wel met een flinke lens om de schouder, langs het strand als we plots een kop zien opduiken: Zeehond! Een Aalscholver volgt de rover, een paar meeuwen houden het oog op restjes. Ik zie kans de zeehond in de kijker te krijgen voor een beter beeld en ontdek de echt grijze kop en gebogen neus van een Grijze Zeehond.
Dat is voor het eerst want meestal, en dus alle keren voor mij tot nu toe, zie je de Gewone Zeehond die een charmanter knikje in de neus heeft met meer ondeugende oogjes. We volgen het beest met een formaat van een meter of tweeeneenhalf een paar honderd meter langs het strand voordat we ons voor de haard zetten.

Dag 2 start in Hoek van Holland. Daar vliegt al een tijd een groepje Huiskraaien rond.
Ze zijn niet zo gewoon als de naam doet vermoeden want ze komen in Nederland alleen hier voor, waarschijnlijk ooit ingevoerd met een boot vanuit India of Afrika in 1994. Ze zijn onder vogelaars best geliefd want het is toch een extra soort op de lijst, maar omdat ze zo succesvol zijn vormen ze ook een bedreiging. Er zijn er nu minstens 23, en dat wordt te veel en te schadelijk. Er gaan geruchten dat de Huiskraaien binnenkort worden gevangen of anderzins verwijderd, dus moet ik de soort ook nog op mijn lijst zetten. En ik ben nu toch in de buurt.

Onderweg pak ik nog een Haagse Ooievaar mee en een paar Torenvalken. Bij aankomst bij het "Vispaleis" zit een Huiskraai precies boven mijn auto: klus geklaard! Het is ook verder geen bijzonder uitziend beest, een kraai in het pak van een kauw, zeg maar. Met een vogelaarsstel zoek ik nog even naar de andere Huiskraaien. Zij zijn al een uur bezig, maar verder niks. Ik ga maar niet proberen het beter te doen, en hou het dus bij één. Ik zoek de Nieuwe Maas nog even af naar mijn tweede nieuwe soort: de Zilverplevier. Na een stel Doodaars, een heleboel Smienten, Krakeenden en Meerkoeten vind ik één Zilverplevier verscholen tussen de keien aan de kant. Er horen er twee te zijn, maar het blijft bij deze ene die zich ook nog slecht laat fotograferen. Dan leveren de Scholeksters een leuker plaatje met de zwartwitte pakken. Als ze niet een prachtige snavel en een prompt rood oog hadden, waren ze suf.

Het is vrij koud in de wind, dus de pier van de Hoek laat ik voor wat het is en ik rijd naar 's Gravenzande. Daar is een Kuifleeuwerik gezien. Vrij bijzonder want er zijn er maar een paar in Nederland (Eindhoven en Venlo hebben er één, dit is de derde). Ik zoek het vogeltje tevergeefs in een aardig wijkje met parkjes en een goedgevulde speeltuin. Het is ook lekker zonnig, maar de vogel zul je niet tussen de spelende kinderen vinden, denk ik. Hij is vaak op daken gezien dus ik loop als een Sammie door de straten. Een Heggemus geeft even troost.

Bijna geef ik op als ik het typische geluid hoog in de lucht hoor. Leeuwerik! Ik kan ongeveer zien waar de vogel landt en loop die kant op. Nog steeds naar boven kijkend struikel ik bijna over de kuiferik die druk onder een struik een slak sloopt.

 



Ik maak snel een paar (onscherpe) foto's. Ik sta te dicht bij en de Kuifleeuwerik vliegt een schuurtje op en gaat me vol in de zon aan zitten te kijken. Zo heb je het graag! Nummer drie in the pocket. Uiteindelijk vliegt het beestje het dak op en kan ik naar de kachel.

De derde dag is het weer een stuk minder vriendelijk: veel wind, regen. Ik neem twee jongedames mee naar Sealife voor een rondje vis. De plaatjes zijn leuk voor de familie. Een enkele vis poseert leuk en een paar Piranha's doet het altijd goed.


's Middags nog een rondje over het strand. Een Grote Mantelmeeuw steekt hard af bij de Zilvermeeuwen, en een vluchtje Bonte Strandlopers vliegt tussen de Scholeksters door. Een Zilvermeeuw vliegt op met een zeester in de bek.
Opnieuw spot ik een Zeehond die een Scholletje eet. Een tweede Zeehond zwemt de eerste tegemoet en ze kruisen zonder duidelijke ontmoeting. Ik bestempel de eerste weer als Grijze, de tweede als een Gewone.



De zeehonden duiken weg in de buurt van een groepje Middelste Zaagbekken, een vreemde eend die ik niet vaak tegenkom. Het is bijna te donker, maar ik neem er maar een paar (foto's dus). Ik had in het verleden al wel eens een plaatje van deze soort gemaakt, maar die waren (ook) niet best. Kijken wat het nu wordt.

Al met al maar een paar uurtjes gevogeld, en veel soorten van de kust bleken niet in Kijkduin op vakantie. Maar met drie nieuwe soorten en een paar prachtige zeehonden hoor je mij niet klagen!

vrijdag 19 februari 2010

Huisvesting geregeld

Het is al weer een poos geleden dat ik de Steenuil in Woerden ontdekte. Op aangeven van een eerdere waarnemer waarvan de naam me is ontschoten (opgezocht door Robert: Menno van Duin) heb ik weken gezocht naar de verblijfplaats van deze kleine uil.

Uiteindelijk vond ik er één niet ver van mijn huis, in het loopje dat ik vaak doe met de hond. Ik schreef al eerder over de vergeefse pogingen die ik de afgelopen tijd heb gedaan, maar daarvoor heb ik de uil regelmatig kunnen zien en kunnen fotograferen.

De familie Van Der Meer heeft in december zelfs -in de schemering- nog een tweede uil gezien, en dat was aanleiding om een verzoek te doen om een nestkast te plaatsen. Het zou toch geweldig zijn als we een broedgeval kunnen "organiseren"!

Vandaag was het dus zo ver: Arwin den Boer heeft in zijn schuur een prachtkast in elkaar geknutseld die we nu dus hebben opgehangen. Niet te hoog, niet te laag, met een mooie tak voor de opening waarop we hopelijk straks de jongen hun vliegoefeningen kunnen zien doen.
Naar goed gebruik vertellen we natuurlijk niet waar de kast hangt: dat zou te veel onrust geven.
Het verlangen naar het voorjaar wordt steeds groter....

zondag 14 februari 2010

Vliegende Non

Na al dat gewerk en een zaterdag met een bus verf op de trap, vandaag toch op pad naar de Witkopeend. Zaterdag bleek het eendje zich plots verplaatst te hebben van Nootdorp naar Zevenhuizen. Een geluk dat iemand haar (het is een zij, zo leer ik nu van vader van der Meer....) zo snel al weer terugvindt. Mij scheelt het weer twintig kilometer sturen.

Tussen de sneeuwbuien door krijg ik de eend in beeld in ongeveer dezelfde omstandigheden als vorige week de Amerikaanse Smient: paplucht, nevelig en koud! En ook deze keer zit de eend te ver weg om een mooie plaat te kunnen maken. Later op de dag wordt de Witkop nog dichterbij gefotografeerd, ik ben dus op een ongunstig moment aan de plas. Maar als waarneming is het geweldig! Ik weet de Witkopeend samen met drie Rosse Stekelstaarten vast te leggen, al wordt het geen poster. Wel geinig dat de eendjes elkaar hebben opgezocht; dat komt vast door de vorm van de (stekel)staarten.

Op de plas zwemmen nog wat andere soorten: de onvermijdelijke Smienten, een Tafeleend, Dodaars en tientallen Meerkoeten, veelwijverige Kuifeenden en een heleboel Futen in winterkleed. De plaatjes zijn allemaal te grauw om trots op te zijn.

Ik loop terug met één van de vele vogelaars die op de eend af zijn gekomen, een beetje mopperen samen. Onderweg naar de auto pikken we toch nog een paar leuke dingen op: een Nonnetje vliegt voorbij, we horen een mannetje Baardman fanatiek zingen en in de verte vliegt een Roerdomp op. Je ziet ze jaren niet, en zo heb je er drie in de maand.

Ik wandel nog wat rond de parkeerplaats en pak nog een stel Veldleeuwerikken, een Winterkoning en een Kramsvolgelvlucht mee.

 
Terug in de auto zie ik de Buizerd die me op de heenweg al even bezig heeft gehouden: hij zit op een paar meter van de weg maar is nogal schichtig. Nu lukt het me -ik had er rekening mee gehouden en reed een stukje met de camera op schoot- om de rover van dichtbij te raken. Na twee goede plaatjes vliegt de vogel op en verdwijnt.



Onderweg naar Woerden pak ik nog een paar Wilde Zwanen mee, blijkt het langs de weg te barsten van de Buizerds en in een slootkant lukt het een Roodborst lekker vast te leggen.

Nog een rondje met de hond en de vogeldag zit er weer op. Nog even kijken of de Steenuilen er al weer zijn, maar die hoop is ijdel. In het gras hipt een Kramsvogel en als je dan op het goede moment afdrukt, heb je een bijzonder plaatje.

Lopend check ik de foto's op het schermpje van mijn camera: het is toch net of je zwart-wit hebt gebruikt. Wat een goed had een zonnetje gedaan vandaag! Anderzijds: ik heb er weer een soort bij en sta nu op 223 soorten, de ontsnapte of niet-zekere soorten niet meegeteld. Dat lijkt heel wat, maar op de lijst van waarnemers ben ik zojuist de Top-600 binnengekomen! Met stip op 593. Als je de ontsnapte vogels meetelt, waar ook de Rosse Stekelstaart bijhoort, sta ik al op 574!
Nummer 1 -die werkt vast niet, heeft geen gezin en is vergroeid met zijn oculair- heeft 455 soorten. De man heet ook nog Aart Vink! (Echt, zo heet hij, maar ik ken 'm en hij is een vreselijk gedreven en aardig mens!).

Een Ekster vliegt vlak over en blijkt een aardig patroon op de foto te geven. Het sneeuwt alweer......

vrijdag 12 februari 2010

Effe lunchen


Terwijl er elders in het land een Siberische Taling en een Witkopeend rondzwemmen, vul ik deze mooie winterdag met werken. Thuis, dat wel. Halverwege al die belangrijke stukken neem ik de hond aan de lijn en de camera om de nek voor een rondje langs de polder, op een minuutje lopen van ons huis.



Het ijst lekker en het gras dreigt groen door de sneeuw. De Koperwieken en de Kramsvogels zijn er nog steeds en maken ruzie met de Merels en de Spreeuwen. De bessen zijn op, dus ze trekken wel steeds meer de polders in. In het gras tref ik de hele winter ook al een stel Roeken die samen met de Kauwen en de Kraaien de weilanden afstropen, veelal gade geslagen door een Buizerd.



Ik kan niet zeggen dat er veel bijzonders langskomt, en dus maak ik wat portretten van de bekende zwemmers en meeuwen die massaal in een wak zitten. Ze dringen zich nadrukkelijk op als een klein meisje wat oud brood komt strooien.

Langs het pad maak ik een praatje met een buur en daardoor mis ik bijna een langsjagende Sperwer. Dit beest heeft me nu al een paar keer te pakken gehad als ik niet op sta te letten: ook nu kan ik alleen een plaatje op afstand maken, terwijl de vogel echt een paar meter naast mij uit mijn ooghoek vloog.  (Naschrift: Deze blog gaat ook over problemen bij het determineren. Nou, dit is er weer zo één: de vogel op de foto blijkt (volgens Robert van der Meer die op Waarneming.nl mijn meldingen controleert) een vrouwtje Blauwe Kiekendief. Ik heb deze vogel dus vals beschuldigd!

 
Een aardige mevrouw spreekt me aan als ik foto's maakt van een Waterhoen in het zonnetje. Er zwemmen ook nog een stel Meerkoeten: Mooie ogen! De mevrouw vraagt of ik verstand heb van vogels want ze heeft een bijzondere Lijster in haar tuin. Uit de beschrijving (grote merel met een lichte streep onder de kin) maak ik een mogelijke Beflijster op, en die zie je niet veel, en ik al helemaal niet. Ik loop met haar mee naar haar tuin, een stukje verderop. We wachten even. Wel een Koperwiek, maar die blijkt de vrouw wel te kennen, net als de Kramsvogels, Merels en de Lijsters. Mijn hoop neemt dus alleen maar toe!
Totdat er een jonge Merel landt, wat wollig in de veren en dus wat groter tonend. Flink lichter op de borst, zoals jonge Merels dat kunnen vertonen. "Dat" is 'm, denk ze. Jammer, denk ik. Ik zal de komende tijd toch eens even opletten, al is een Beflijster in deze tijd echt wel tegen beter weten in....

In de tuinen langs het Weidepad is het wel druk: Vinken, Kool- en Pimpelmezen, Huis- en Ringmussen, een enkele Winterkoning, Eksters en Spreeuwen. Ze komen allemaal af op de bollen en netjes uit de supermarkt.

Al met al noteer ik in een klein uurtje 24 soorten vogels. Niks bijzonders, maar toch een lekkere lunchpauze.

zondag 7 februari 2010

Tobber

Heb ik toch laatst lelijk gedaan over de natuurplas Breeveld.... Hoe geldig ook mijn betoog, nu sta ik toch in mijn hemd. Ik was van plan om samen met mijn maatjes Van Der Meer naar Alphen te rijden om daar een Topper uit het Aarkanaal te vissen en op de begraafplaats de eerder gemelde Ransuilen te fotograferen, tot Peter belt dat het plan aanpassing vraagt: een Amerikaanse Smient in die verguisde plas vlakbij! Met spoed daarnaartoe! Met een paar hele goede vogelaars (en één van de beste digiscopers die ik ken: Luuk Punt, zie Vogelpunt, zijn blog) de eend vrij snel in de kijker. Maar natuurlijk in de grijze pap een heel eind weg: Zie hiernaast het enig bruikbare verdrietige bewijsplaatje.
Ik ga natuurlijk deze week nog eens kijken, als de zon schijnt! Want als waarneming is dit prachtig, maar er moet nog een mooi plaatje bij.

Goed begin, op naar de Topper. Gevieren zoeken we het Aarkanaal af, maar geen Topper. Wel een Kuifeend met wat lichte flanken, maar de grijze rug van de Topper zien we niet.

Wel een heel leuk tafereel als we door de struiken de Zegerplas op kijken: Een niet zo grote Fuut vangt een Baars (denk ik, ik weet niets van vissen), kantelt het beest behendig bekwaarts en slikt 'm in een oogwenk weg. Knap voor zo'n vogeltje!



Op de begraafplaats aangekomen eerst maar broer Peter (een andere Peter dus) gebeld: hij heeft eerder de uilen gezien en heeft voor een tentoonstelling in het bezoekerscentrum van het IVN in Alphen, waarover later meer, al uilenballen geraapt zodat de kidsbezoekers die kunnen uitpluizen. Mijn grote broer wijst telefonisch de weg maar het baat niet: geen uilen. Het zit niet mee in mijn bakermat. Nou is een rondje op een begraafplaats op zondag sowieso al een triest ding, maar met dit weer en deze tegenvaller is het ronduit verdrietig. Gelukkig wel de geijkte vogels: Eksters, Kraaien en een enkele Gaai en een Zanglijster.

Opeens toch een leukerd: we horen een parkiet schreeuwen. Nou zitten Amsterdam, Leiden, Rotterdam en Den Haag er tegenwoordig vol mee, een Halsbandparkiet in deze omgeving is toch speciaal. We zien er twee die in de toppen van de bomen naar elkaar roepen.
De familie Van Der Meer neemt afscheid, later zie ik dat ze toch nog even terug zijn naar die yankie. Ik doe een bakkie bij moeder die vlakbij in Alphen woont. Daarna naar het IVN-gebouw de Vlinder waar mede door broer Peter een tentoonstelling is ingericht. Peter heeft daarvoor de familie afgestruind want ik tref daar de opgezette roofvogels van onze nog oudere broer Rob samen met een aantal van mijn foto's!
Nog toevalliger tref ik broer Rob tussen mijn foto's! Leuk! We bekijken samen de tentoonstelling (leuk! allemaal naar de Vlinder op woens-, zater- of zondagmiddag) en kletsen een beetje bij, we zien elkaar niet zo vaak. Samen met Rob wandel ik nog even langs de kinderboerderij waar een stuk of tien Ooievaars lamlendig rondhangen, en we gaan door naar de Zegerplas om toch die Topper nog van een andere kant te bekijken. Tevergeefs. Wel vliegen er een paar Winterkoningen door het riet alsof het IJsvogels zijn. We staan even op het verkeerde been maar stellen alleen die kleine bruine vogeltjes vast. Nog wel even een Dodaars kunnen kieken die, heel schuw duikend maar wel dichtbij, door hetzelfde riet zwemt. Het is al de vierde deze dag, maar dit is wel de leukste!

Ik laat Rob in Alphen achter, en rijd door de polders van Aarlanderveen, Nieuwkoop en Zegveld terug naar Woerden. Ik hoopte nog op een paar Wilde of Kleine Zwanen, maar het zit er niet in. Ik maak maar een plaatje van de plassen van Nieuwkoop die er in dit weer witglimmend en contrastrijk bijliggen. Best mooi, maar geen veer te zien.

Terug thuis tel je dan je zegeningen: veel contact met de familie, een bijzondere ontdekking met vogelvrienden, een lekker dagje buiten, maar geen Topper.... Ach, volgende keer dan maar, net als een levende Ransuil....